‘Specifieke norm nodig voor veilige toepassing van zonnepanelen en isolatiemateriaal’

8 september 2020 Unidek EPS
Kwaliteitscontrole druksterkte

Verzekeraars, dakdekkers, fabrikanten van dakbedekkings- en isolatiematerialen en de zonne-energiesector moeten de handen ineenslaan om de problemen met de verzekerbaarheid van gebouwen met zonnepanelen een halt toe te roepen. Daarvoor pleit Teun van Schadewijk van Kingspan Unidek, een van Nederlands grootste fabrikanten van isolatiematerialen. ‘Er moet een specifieke norm komen met eisen en richtlijnen voor de veilige toepassing van zonnepanelen bij de verschillende soorten isolatiemateriaal.’

Als verzekeraars gaan eisen dat platte daken alleen van zonnepanelen voorzien mogen worden als deze uitgerust zijn met onbrandbare isolatiematerialen, is direct 90 procent van de Nederlandse daken ongeschikt.

Het in het Brabantse Gemert gevestigde Unidek werd in 1969 opgericht en is vandaag de dag onderdeel van de wereldwijd actieve Kingspan Group. De innovatieve aard van Kingspan Unidek heeft de afgelopen 50 jaar geleid tot de ontwikkeling van talloze producten voor de bouw, alle met isolatiemateriaal geëxpandeerd polystyreen (EPS) als basis. Dit isolatiemateriaal – in de volksmond ook wel piepschuim genoemd – behoort in Nederland samen met poly-isocyanaat (PIR) tot de meest toegepaste isolatiematerialen. Kingspan Unidek is Europees marktleider op het gebied van zelfdragende, isolerende sandwichelementen voor hellende daken, maar ook voor platte daken vinden de isolatieproducten van het bedrijf gretig aftrek. En die platte daken worden in Nederland sinds enkele jaren massaal van grootschalige zonne-energiesystemen voorzien.

Vragen
Dat is dan ook de reden dat Van Schadewijk in zijn rol als business development manager bij Kingspan Unidek het afgelopen jaar steeds vaker geconfronteerd werd met vragen over de verzekerbaarheid van dergelijke daken als ze uitgerust worden met zonnepanelen. Het afgelopen kalenderjaar weigerden verzekeringsmaatschappijen steeds vaker om gebouwen met zonnepanelen te verzekeren wanneer er EPS-isolatiemateriaal is toegepast. De verzekeringsmaatschappijen achten het risico op brand bij een dergelijke combinatie extra hoog. En dat neemt volgens Van Schadewijk extreme vormen aan. ‘Waar we in eerste aanzet met een maatwerkoplossing klanten alsnog verder konden helpen, merken we dat de oplossingen die we aandragen door verzekeraars steeds minder geaccepteerd worden.
Dat is te gek voor woorden, te meer omdat onze isolatieproducten brandvertragend gemodificeerd zijn (SE) en aan alle brandveiligheidseisen en relevante regelgeving voldoen. Er zijn al decennialang regels waar je aan moet voldoen en bij toepassing van de juiste materialen en de juiste verwerkingsmethode is de brandveiligheid van EPS absoluut gegarandeerd.’
 
Thialf
In de afgelopen 12 maanden zijn meerdere verzekeraars volgens Van Schadewijk aan klanten van Kingspan Unidek de eis gaan stellen om onbrandbare isolatiematerialen toe te passen als er zonnepanelen geplaatst worden. ‘Bij een aantal projecten was dat zelfs een voldongen feit waar niets tegen in te brengen was, waardoor de betreffende gebouwen uiteindelijk niet van zonnepanelen zijn voorzien. Projectontwikkelaars – zowel bij nieuwbouw als bij dakrenovatie – liepen letterlijk tegen de muur. Dieptepunt is uiteraard schaatsstadion Thialf dat al voorzien is van zonnepanelen en onverzekerbaar is zo lang er zonnepanelen aanwezig zijn. Ook dat dak is voorzien van EPS-isolatiemateriaal.’
 
On speaking terms
Kingspan Unidek voerde afgelopen maart via branchevereniging Stybenex overleg met het Verbond van Verzekeraars. Sindsdien zijn de Nederlandse fabrikanten van isolatiemateriaal en de verzekeraars volgens Van Schadewijk ‘on speaking terms’. ‘Tezamen met de massale media-aandacht voor de onverzekerbaarheid van gebouwen met zonnepanelen heeft dat de boel in beweging gezet.’ Dat wil volgens hem echter niet zeggen dat er al een oplossing in zicht is. ‘Bovendien worden niet alleen de leden van Stybenex door deze kwestie getroffen, maar ook fabrikanten van andere isolatiematerialen dan EPS, alsook dakdekkers en niet op de laatste plaats de zonne-energiesector zelf.’
 
Oneigenlijke argumenten
Het grootste bezwaar van de isolatiefabrikanten is volgens Van Schadewijk dat verzekeraars oneigenlijke argumenten aanvoeren. ‘Er worden in onze ogen onnodige strenge eisen gesteld. De
verzekeraars claimen dat er vrij forse schadestatistieken zijn van zonnepaneelsystemen in combinatie met brandbare isolatiematerialen. Wij kunnen die schadegevallen echter niet terugvinden noch herleiden via onze klanten. We zijn als sector dan ook overtuigd dat de eisen zoals die vastgelegd zijn in het bouwbesluit – en in richtlijnen vanuit de dakdekkersbranche – ervoor zorgen dat er brandveilige daken gemaakt worden. Bovendien, blijkt uit onderzoek van TNO over 2018, dat de branden die zich wel voordoen – en dit is slechts 0,014 procent van alle woningen met zonnepanelen –  vrijwel altijd ontstaan door installatiefouten bij de plaatsing van de pv-systemen, zoals bij de bekabeling van zonnepanelen. Met de wetenschap dat de zonne-energiesector met de introductie van de inspectieregeling Scope 12 grote sprongen voorwaarts maakt, zijn de strenge eisen en exorbitant hoge premies van verzekeraars voor ons onbegrijpelijk. Het steekt ons, maar ook onze klanten en hun klanten; temeer omdat we de feitelijke risico’s gewoonweg niet zien, sterker nog: er niet zijn.’
 
Slechts 10 procent ‘onbrandbaar’
Schadewijk schat in dat 50 procent van de platte daken in Nederland voorzien wordt van isolatiematerialen op basis van poly-isocyanaat (PIR-), 40 procent op basis van EPS en tot slot 10 procent op basis van minerale wol. ‘En daarbij is minerale wol het enige isolatiemateriaal dat door verzekeraars als onbrandbaar geclassificeerd wordt.’ Dit betekent dat als verzekeraars gaan eisen dat platte daken alleen van zonnepanelen voorzien mogen worden als deze uitgerust zijn met onbrandbare isolatiematerialen, direct 90 procent van de Nederlandse daken ongeschikt wordt. ‘Bovendien kent de toepassing van minerale wol een belangrijk nadeel’, stelt Van Schadewijk. ‘In de jaren 90 heeft de dakdekkersbranche geconcludeerd dat de toepassing van minerale wol ongeschikt is voor daken waar veel “verkeer” plaatsvindt, bijvoorbeeld voor het onderhoud aan koelinstallaties. Bovendien is minerale wol een zeer zwaar isolatiemateriaal. Met de toepassing van eps of pir kom je op een extra gewicht van zo’n 4 kilogram per vierkante meter, maar bij minerale wol is dat zo’n 30 tot 35 kilogram per vierkante meter. Veel gebouwen kunnen dat gewicht niet dragen. Het marktaandeel van dit type dakisolatiemateriaal is om deze 2 redenen de afgelopen decennia fors gedaald. Binnen de VEBIDAK-richtlijnen en de Dakmerk-certificering is er bij de toepassing van minerale wol geen mogelijkheid om een dakcertificaat te verkrijgen.’
 
Oplossing
De oplossing voor de huidige problematiek ligt volgens Van Schadewijk op een aantal vlakken. Logischerwijs is de inspectieregeling Scope 12 een eerste stap. ‘Maar er zijn ook technische oplossingen mogelijk, waarbij de expertise van dakdekkers wordt ingeschakeld. Met de juiste dakconstructie – die dus aan alle relevante regelgeving voldoet – is het mogelijk om eventuele branden te isoleren tot de locaties waar de zonnepanelen zich bevinden. Als er zich een brand voordoet, wordt deze geïsoleerd. Ook het doortrekken van brandcompartimenten – die zich al in het gebouw bevinden – naar het dak vormt een mogelijke oplossing, bijvoorbeeld via extra brede tegelpaden.’
 
De juiste norm
De laatste – en misschien wel de belangrijkste – oplossing die Van Schadewijk ziet, is het opstellen van de juiste norm. ‘Er is namelijk geen specifieke norm die richtlijnen en eisen bevat voor de veilige toepassing van zonnepanelen bij de verschillende soorten isolatiemateriaal. Wij pleiten ervoor om een dergelijke norm op te stellen in samenwerking met verzekeraars, fabrikanten van dakbedekkings- en isolatiematerialen, dakdekkers en zonne-energiebedrijven. Dat is dé manier om brandveilige pv-daken te maken. De huidige normen zoals de NEN 6050 ‘Ontwerpvoorwaarden voor brandveilig werken aan daken’ – maar ook de NEN 7250 ‘Zonne-energiesystemen - Integratie in daken en gevels - Bouwkundige aspecten’ – zijn daarvoor ontoereikend. En ja, we hebben als isolatiebranche begrip voor de onwetendheid en kennislacune bij verzekeraars, maar we vinden het onbegrijpelijk dat ze op deze manier de energietransitie praktisch onmogelijk maken.’

Bron: Solar magazine

Lees het artikel online